Anders

de kunstlobby, 25 mei 2002
alles moet anders
De kranten koppen het. En het spat ons van de beeldbuis tegemoet: “Het moet anders!” Met ons leven, met de politiek, de maatschappij. “Alles moet anders!”, papegaait Nederland anno 2002.

Als je doorvraagt, inzoomt op het ‘andere’; mensen vraagt wát er dan anders moet, krijg je vaak dezelfde, niets – of is het een alles zeggende? – reactie: “Nou ja, je begrijpt het toch wel, gewoon, anders; anders dan anders.”

Een interessante tegenspraak: het moet anders, verschillend – afwijkend dan anders, wat we gewoon zijn – hetzelfde!

Anders dan velen u en mij willen doen geloven, meen ik dat de digitale wijze waarop thans het begrip ‘’anders” wordt geïnterpreteerd een onjuiste voorstelling van zaken is. Het is niet een roep om rigoureuze omwenteling; een vraag naar een breuk met het verleden. Het is evenzeer, en misschien wel nadrukkelijker – en ik voel mij in mijn opvatting gesteund door gelijkgestemde uitspraken van Paul Schnabel (directeur van het Sociaal Cultureel Planbureau) – de vertaalde verhunkering naar het vertrouwde, het bekende. Een roep om herstel van het gevoel van geborgenheid, veiligheid, het eigene. Het geven van het juiste accent!

Laat ik het eens anders zeggen: in het wasmiddelenschap van een supermarkt staan – al decennia lang – pakken waspoeder die ons toeschreeuwen dat ze ‘vernieuwd’ zijn. En, ongetwijfeld is dat waar. Maar in essentie is er níets veranderd. Het was, is en blijft een wasmiddel. Een wasmiddel waarvan een zeker bestanddeel, een accent gewijzigd is. En dát, dat maakt het wasmiddel ‘vernieuwd’, ánders dan anders.

Toen OMO zijn wasmiddel écht en rigoureus veranderde en als ‘OMO-X-powder’, tóen flopte het. Want de Nederlander wil wel vernieuwen, wíl wel anders, maar dat ‘andere’ moet wel vertrouwd, bekend en herkenbaar zijn.

Zo ook laat de heden ten dage veelgehoorde roep om meer ‘veiligheid’ zich niet enkel of simpelweg verklaren door toegenomen agressie of wat daarmee annex is. Het is evenzeer een roep om herstel van het oude, het vertrouwde, het bekende: “Laat het weer zijn zoals anders!”

Kunst is ‘anders’ en tegelijkertijd ook weer ‘gewoon’. Zij is onderscheidend, uiteenlopend, apart. Kunst is reactionair. Staat buiten de geest van de tijd. Want waarachtige kunst doet ons met haar unieke, onalledaagse accent het alledaagse, het gewone herscheppen. Kunst wordt, zo bezien, enerzijds gemaakt om te verontrusten en is tegelijkertijd een manier om moed te verzamelen. Moed, nodig om te veranderen. Niet rigoureus, maar stapje voor stapje. Kunst is zo een middel tot anders, voller leven. Anders dan anders, en tegelijkertijd gewoon, want vertrouwd (geworden).

“Wanneer twee mensen hetzelfde doen ís het nog niet hetzelfde!” Het is meer ‘anders’ dan u op het eerste gezicht wel zou zeggen. Mag dat ook de essentie van de boodschap zijn: “Het fortuin van het andere, het ánders zijn, het ánders doen, ligt niet in het grote gebaar, maar in het juiste accent!”

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s